Drie hygiënisten voor een heel ziekenhuis

14 juni 2018

in het UZA werken drie hygiënisten: een arts (60%) en twee verpleegkundigen. “We verdelen daarbij een beetje de expertise, zodat we zoveel mogelijk terreinen overspannen”, zegt dr. Jansens. Drie hygiënisten voor 573 bedden op 25 verpleegeenheden en 30.000 patiëntenovernachtingen, 39 hooggespecialiseerde medische diensten die jaarlijks meer dan 700.000 patiënten op raadpleging zien komen, goed voor 3.000 medewerkers. Zijn drie hygiënisten dan niet wat weinig? Dr. Jansens lacht: “Met ons drie overstijgen we de eisen van de overheid. Maar ja, dat is weinig… In een ideale wereld heb je iemand die fulltime rondloopt en op de werkvloer bijstuurt. Als je de Belgische situatie vergelijkt met de rest van Europa, dan zit ons land bij de slechtere leerlingen van de klas qua voorziene bezetting voor infectiepreventie in de ziekenhuizen.”

De taak van ziekenhuishygiënist is niet eenvoudig. “Je moet geduldig zijn maar toch vastberaden om bepaalde procedures op te leggen. En je moet overtuigingskracht hebben. Je ziet niet onmiddellijk het effect van maatregelen die je instelt. Soms zie je ze zelfs niét, omdat patiënten naar huis gaan. Je moet dus diplomatisch zijn, doortastend maar ook creatief met een sterk vermogen om naar oplossingen te blijven zoeken… Een goede combinatie van Margaret Thatcher, Mary Poppins, Sherlock Holmes en Franciscus van Assisi in één persoon…”

Gelukkig wordt de laatste jaren het eigenaarschap van infectiepreventie ook breder gezien: we werken met referentieverpleegkundigen op de afdeling zelf. Zij kunnen ons helpen bij onze taak. Elke medewerker wordt meer en meer betrokken bij het beleid rond infectiepreventie.”